PANEL VINDT HET (ZEER) BELANGRIJK DAT DE DIERENBESCHERMING AANDACHT VRAAGT VOOR HET PROBLEEM VAN SCHADELIJKE UITERLIJKE KENMERKEN BIJ HUIS- EN GEZELSCHAPSDIEREN
U heeft ze vast wel gezien: een schattige kleine Shih tzu, een stoere Engelse bulldog of van die lieve zachte hangoren bij een konijn. Maar het arme dier lijdt veel onder deze schattige, stoere of lieve uiterlijke kenmerken. Het is dan ook niet verrassend dat nagenoeg alle leden van het Dierenbescherming Panel het (zeer) belangrijk vinden dat de Dierenbescherming aandacht vraagt voor dit probleem.
SCHADELIJKE UITERLIJKE KENMERKEN HONDEN EN KATTEN BREED BEKEND
Bijna alle leden van het Dierenbescherming Panel hebben eerder gehoord van schadelijke uiterlijke kenmerken bij huis- of gezelschapsdieren. Honden met een te korte snuit (98%) is hierbij het meest bekend, gevolgd door honden met uitpuilende ogen (85%), naaktkatten (84%) en minihondjes (72%).
Doorgefokte kenmerken van vissen, knaagdieren en vogels zijn minder bekend: een derde heeft weleens gehoord van vissen met uitpuilende ogen (34%) en nog geen één op de vijf is bekend met konijnen met te lange oren (19%), konijnen met een te korte snuit (18%) of naaktcavia's (16%). Het minst bekend zijn vogels met te veel (sier) veren (12%) en de postuurkanarie (6%).
DOORGEFOKTE KENMERKEN NIET ACCEPTABEL VANUIT OOGPUNT DIERENWELZIJN, VERDELING OVER LIJDEN VAN KONIJNEN MET HANGOREN
Wanneer afbeeldingen van deze dieren worden getoond, vinden acht op de tien tot bijna alle panelleden dat deze kenmerken niet acceptabel zijn vanuit het oogpunt van dierenwelzijn. Alleen over de hangoren van een konijn zijn de panelleden verdeeld: bijna drie op de tien vinden dit wel acceptabel (28%), maar ruim een derde vindt dit niet (36%). Ook ruim een derde weet niet of ze dit wel of niet acceptabel vinden (36%).
Bijna driekwart van de panelleden vindt dat de Dierenbescherming moet pleiten voor strengere regels en weten rondom fokken (73%). Volgens 56% moet de Dierenbescherming (ook) pleiten voor uitbereiding van het fokverbod naar meer kenmerken, en 46% ziet baat in (meer) voorlichting geven aan huisdiereigenaren zodat zij, met de kennis van de schadelijkheid van bepaalde kenmerken, kunnen kiezen voor een ander ras. Ruim vier op de tien zijn (ook) voor het pleiten van uitbreiding van het houdverbod voor dieren met deze kenmerken (42%).